PDA

Bekijk Volledige Versie : Anti-conceptie en abortus



van Bommel
14-10-04, 18:32
Anti-conceptie en abortus

De moslimgeleerde al- Ghazali stelde duizend jaar geleden vast
dat tijdgenoten van de profeet coïtus interruptus (azl) bedreven,
en dat het was toegestaan om financiële redenen, de
gezondheid, de schoonheid van de vrouw en bescherming van
eigendom. Omdat de profeet ook het recht van de vrouw op
seksuele bevrediging benadrukte, hebben verschillende
moslimgeleerden hiervan de tegenstrijdigheid aangegeven en
verklaard dat terugtrekking vóór het orgasme bij de man ook
dat van de vrouw kan voorkomen. Vanuit de toestemming
voor coïtus interruptus kon door middel van analogie de
ethische toestemming voor andere anti-conceptiemiddelen
worden afgeleid.

In de discussie over het toegestaan zijn van geboorteregeling
en familieplanning wordt door geleerden eerst de status van
sperma vastgesteld.
De vragen over de aard van sperma – is het iets levends en
waardevols of moet het net als andere vormen van nadjasa
(onreinheid zoals urine en ontlasting) om de zoveel tijd uit
het lichaam worden verwijderd? – en de theorie van de
gelijkwaardige bijdrage van zowel man als vrouw aan de
voortplanting, stonden centraal bij de toestemming
voor geboorteregeling door al-Ghazali. Volgens hem kreeg
sperma pas waarde als het zich verenigde met de eicel van
de vrouw en zich in de baarmoeder nestelde. Daarvoor
bevond het zich als het ware nog in het lichaam van de man.
Hij maakt op basis van de ontwikkeling van het leven in
wording onderscheid in de mate van zondigheid om het
leven te onderbreken.
Anti-conceptie betekent voorkomen dat het sperma de
baarmoeder bereikt. Abortus betekent zo vroeg mogelijk de
vorming van het embryo onderbreken. De derde periode is
wanneer mogelijkerwijs de ziel haar intrede doet en het
menselijk lichaam wordt gevormd. Aangenomen wordt dat
het nieuwe mensje aan het begin van de vierde maand wordt
‘ bezield’. Het doden van de baby nadat die al ter wereld is
gekomen, is in alle opvattingen moord en dus zondig.
Abortus en kindermoord waren misdaden tegen een levend
wezen, zo redeneerde al-Ghazali, die dit onderwerp voor
zijn tijd en omstandigheden helder en duidelijk uiteenzet.
Maar anti-conceptie is een andere zaak. De belangrijkste
reden hiervoor was dat de bevruchting en daarmee het
begin van de vorming van een kind niet alleen werd
veroorzaakt door het voortbrengen van het zaad van de
man, maar ook door het samensmelten van zaad en eicel
in de baarmoeder. Kinderen worden niet geschapen uit
het zaad van de man alleen, maar uit de productie van
lichaamsstoffen van beide ouders. De twee vochtafscheidingen
die voor de zwangerschap zorgen zijn te vergelijken
met de elementen ‘aanbod’ (iedjaab) en ‘aanvaarding’
(kaboel), die deel uitmaken van een legale transactie.
Ook de huwelijksakte wordt in de islam als een dergelijke
transactie beschouwd. Iemand die een bod doet en
vervolgens dat bod intrekt, overschrijdt daarmee geen
regels, want een contract bestaat pas indien het is
geaccepteerd door beide partners en ondertekend.
De gelijke inbreng van beide ouders bij de vorming van
het embryo werd door al-Ghazali vastgesteld en hij
gebruikte voor ‘vorming’ het woord in’iqaad, dat zowel
de beschrijving van een stollingsproces kan zijn als in de
betekenis van ‘samenkomen’ kan worden gebruikt. Zowel
in’iqaad als akd komen van dezelfde stam akada:
verbinden, samenvoegen. Gebaseerd op deze vergelijking
was het volgens al-Ghazali mogelijk alle methoden van
preventie toe te staan waarbij sperma de baarmoeder niet
bereikt. Deze theorie van gelijke bijdrage van man en vrouw
vormde de basis voor al-Ghazali’s toestemming van
geboorteregeling, waardoor het onder grote groepen
algemeen geaccepteerd raakte. De opmerkelijke consensus
onder alle geleerden vanaf de tiende tot en met de
negentiende eeuw is zonder zijn theorie niet goed te
begrijpen. Het mannelijk evenals het vrouwelijk zaad
had – in religieuze of juridische zin – weinig betekenis.
In de moslimopvatting wordt dus geen uitzonderlijke
waarde of heiligheid verbonden aan sperma op zich,
waardoor de fikh-geleerden ook masturbatie toestaan.
Al-Ghazali noemde het mannelijk sperma – in navolging
van de koran – ‘niets’ of ‘nietswaardig’ tot het zich
vermengt met het vrouwelijk vocht en zich in de
baarmoeder nestelt. De Maliki-geleerde Koertoebi (1293)
schrijft in zijn koranexegese: ‘Het sperma is niets
bepaalds en er zijn geen gevolgen aan verbonden
indien de vrouw zich ervan ontdoet voordat het zich in
haar baarmoeder nestelt; voor dat moment is het als
het ware nog steeds in het lichaam van de man.’
De theologen onderscheidden zich hier heel duidelijk
van de uitspraken van Aristoteles en ook van die van
Ibn Siena, die ervan uitgingen dat ‘het mannelijk
sperma in elk orgaan als het bewegende principe
functioneert, waaruit de ziel wordt geformeerd’. Indien
moslimjuristen dit idee hadden geadopteerd was het
moeilijk geweest toe te staan sperma te ‘verspillen’, zoals
bij anti-conceptie en masturbatie het geval is.
Samenvattend zien we dat verschillende geleerden
belangrijke redenen voor de toestemming van
anti-conceptie noemen. Zowel al-Ghazali als de veel
later in San’a levende veelschrijver en jurist Sjawkani
(1758-1834) aanvaardden het motief voor geboorteregeling
om te vermijden dat te veel kinderen van één vader
afhankelijk zijn voor hun levensonderhoud.
Zelfs wordt de aanvaardbaarheid van anti-conceptie
besproken indien een vader niet iemand op de wereld
wil zetten die voor zijn levensonderhoud afhankelijk
van hem is. Vrees voor het leven van de vrouw indien zij
kinderen – of nog meer kinderen – zou baren, is als
medische indicatie algemeen aanvaard. Bescherming
van bezit en het reserveren ervan voor een beperkt
aantal erfgenamen werd in sommige gevallen als
noodzakelijk beschouwd. Het welzijn van eerder geboren
kinderen was ook een geldige reden. Vooral voor het
welzijn van kinderen tijdens de borstvoeding werd gevreesd.
Al deze zaken als abortus, anti-conceptie, masturbatie, etc.,
worden dus door de eeuwen heen door de bekendste
geleerden van verschillende kanten bekeken. Maar
veel genuanceerder dan nu door sommige betweters
gebeurt die er alleen maar een etiketje 'haram' of 'halal'
op willen plakken.

Abdulwahid van Bommel.