PDA

Bekijk Volledige Versie : Koran is woord van God en de a'hdieth? zijn die onfeilbaar/ heilig?



contradictio
12-09-05, 19:47
Narrated Ibn 'Abbas

When the time of the death of the Prophet approached while there were some men in the house, and among them was 'Umar bin Al-Khatttab, the Prophet said, "Come near let me write for you a writing after which you will never go astray." 'Umar said, "The Prophet is seriously ill, and you have the Quran , so Allah's Book is sufficient for us." The people in the house differed and disputed. Some of them said, "Come near so that Allah's Apostle may write for you a writing after which you will not go astray," while some of them said what 'Umar said. Whenthey made much noise and differed greatly before the Prophet, he said to them, "Go away and leave me . " Ibn 'Abbas used to say, "It was a great disaster that their difference and noise prevented Allah's Apostle from writing that writing for them.


Narrated Ibn 'Abbas

When Allah's Apostle was on his death-bed and in the house there were some people among whom was 'Umar bin Al-Khattab, the Prophet said, "Come, let me write for you a statement after which you will not go astray." 'Umar said, "The Prophet is seriously ill and you have the Qur'an; so the Book of Allah is enough for us ." The people present in the house differed and quarrelled. Some said "Go near so that the Prophet may write for you a statement after which you will not go astray," while the others said as Umar said . When they caused a hue and cry before the Prophet, Allah's Apostle said, "Go away !" Narrated 'Ubaidullah: Ibn 'Abbas used to say, "It was very unfortunate that Allah's Apostle was prevented from writing that statement for them because of their disagreement and noise."

Rourchid
24-11-05, 21:23
Het is niet overdreven te stellen dat de mannen die zich kort na Mohammeds dood bezig hielden met de uitleg van Gods wil in de koran en Mohammeds wil in de hadieths - en die tevens tot de machtigste en rijkste leden van de oemma behoorden - zich niet erg om de nauwkeurigheid en objectiviteit van hun uitleg bekommerden. Ze waren meer geÔnteresseerd in de herovering van de dominante financiŽle en sociale positie die hun door de hervormingen van de Profeet was ontnomen. We moeten er, zoals Fatima Mernissi opmerkt, steeds op bedacht zijn dat achter elke hadieth de diepgewortelde machtsstrijd en botsende belangen verscholen liggen die te verwachten waren in een samenleving 'waarin sociale mobiliteit [en] geografische expansie [...] aan de orde van de dag waren'.

De passage waarin de koran de gelovigen op het hart drukt hun bezit niet aan dwazen (soefaha) na te laten, werd door de vroege zonder uitzondering mannelijke - commentatoren ondanks alle waarschuwingen in de koran als volgt uitgelegd: 'De soefaha zijn vrouwen en kinderen [...] en beide moeten van het erfrecht worden uitgesloten.' (cursivering R.A.).

Toen Aboe Bakra (niet te verwarren met Aboe Bakr), een rijke en vooraanstaande koopman ult Basra, vijfentwintig jaar na Mohammeds
dood beweerde dat hij de Profeet eens had horen zeggen: 'Zij die hun zaken aan een vrouw toevertrouwen, zullen nooit voorspoed kennen,' werd zijn gezag als metgezel niet in twijfel getrokken.
Evenmin werd Ibn Maja aangevochten, die in zijn verzameling hadieths beschreef dat de Profeet, in antwoord op een vraag over de rechten van een echtgenote, het ongeloofwaardige antwoord gaf dat haar enige recht erin bestond eten te krijgen 'wanneer je zelf eten hebt genomen' en te worden gekleed 'wanneer je jezelf hebt gekleed'. Toch ging deze opvatting rechtstreeks tegen de eisen van de koran in.

Toen Aboe Said al-Choedri bezwoer dat hij had gehoord dat de Profeet tegen een groep vrouwen zei: 'Ik heb nog nooit mensen gezien die minder intelligent en godsdienstig zijn dan jullie,' werd zijn geheugen niet in twijfel getrokken. Dit ondanks het feit dat Mohammed volgens zijn biografen geregeld raad aan zijn vrouwen vroeg en die ook opvolgde, zelfs in militaire aangelegenheden.

Ten slotte interpreteerde de beroemde korancommentator Fachr ad-Din ar-Razi (1149-1209) het vers dat God de gelovigen echtgenotes heeft geschonken opdat zij door hen gemoedsrust zullen vinden als 'bewijs dat vrouwen net zo waren geschapen als dieren, planten en andere nuttige zaken [...] [en niet om te] aanbidden en de goddelijke geboden uit te dragen [...] want de vrouw is zwak, dwaas, en in zekere zin als een kind'. Zijn commentaar wordt in de moslimwereld nog steeds alom gerespecteerd.
(Reza Aslan)

Klik hier voor de bron en omlijstende beschouwingen (http://home.tiscali.nl/yesbrainer/ra/hfdst3.htm#soefaha)

Affie
28-11-05, 16:04
Ik persoonlijk vind ze niet heilig. De ahadith zijn voor mij een bron van historie waaruit wij soms kunnen opmaken waarom er een vers is geopenbaard.

Daarnaast beschouw ik de ahadith niet als regelgevend met andere woorden verplichtingen en verboden die wel in de ahadith worden genoemd maar niet in de Koran beschouw ik als niet van toepassing op het geloof.

De ahadith legt voor mij dus ook niet de Koran uit maaar de tafsier van de is de Koran zelf. Zoek en je vindt al je antwoorden.

chirpy
09-12-05, 23:18
Geplaatst door cazjmir
Viva Hirsi Ali !!

Hirsi Ali 4 president.

Laat nu eens godsdienst en politiek gescheiden zijn.

Geen zwarte kousen en geen islam.

Religieus neutraal onderwijs is mijn motto.

Ik ben leraar en loop alvast op de materie vooruit in de praktijk.

Godsdienst is een plaag voor de aarde.

Wijsheid voor al de homosapiens.
Greetz
Cazjmir

Jungske, geef nu eens zinnig antwoord op deze vraag en geef niet op welke vraag ook op dit forum hetzelfde antwoord.