PDA

Bekijk Volledige Versie : Twee kilo kipfilét



Stietwa
28-09-08, 21:05
Zo sta ik op een dag in een overvolle apotheek.
Op het moment dat ik eindelijk geholpen word, blijk ik meer medicijnen nodig te hebben dan waar ik aanvankelijk voor gekomen ben.
Tijdens het wachten word ik aangesproken door een vriendelijk ogende man, die tientallen jaren meer levenservaring achter de rug heeft dan ik.
We zitten in hetzelfde schuitje, zoiets creëert natuurlijk een bepaalde band en een gespreksonderwerp.
Eigenlijk ben ik niet in de stemming voor een gesprek.
Mijn aandacht word volledig opgeslokt door het 2-cijferige nummerbord dat maar niet door wil tellen.
Ik hou dat bord nog scherper in de gaten dan de AIVD dat doet met potentiële (je weet maar nooit, het zou zo maar kunnen, ze hebben immers een donkere huidskleur en donker haar!) terroristen.
Geen moment verlies ik het oogcontact met dat apparaat, hopende dat het spontaan over zal gaan op nummer 87. Niet gelijk op 88, want dat is mijn nummer en dat zou wel érg verdacht zijn.
Na het geklaag aan te hebben gehoord, vriendelijk te hebben geglimlacht en bevestigend te hebben geknikt, wordt de oude man wat brutaler.
Hij begint open vragen te stellen. Nu kan ik er niet meer omheen, het wordt tijd voor verbale actie.
Ik laat het bord voor wat het is, het ziet er immers niet naar uit dat het zich ook maar iets van mijn gestaar aan zal trekken, en richt me op mijn gesprekspartner.
Hij vraagt me waar ik voor kom, ik sta op het punt om te zeggen ‘Twee kilo kipfilet‘, maar ik bedenk me en zeg waar ik echt voor kom.
De arme man zal me anders vast in alle oprechtheid vertellen dat ik verkeerd zit, en me de weg wijzen naar de slagerij.
Nu verwacht hij natuurlijk dat ik de vraag terug zal kaatsen, om me vervolgens te vervelen met ellenlange verhalen over allerlei enge kwaaltjes.
Maar ik zwijg. Er zijn grenzen aan mijn sociale houding. ‘Jij bent vast geen Nederlandse, hè?‘, vraagt de man om de stilte te doorbreken.
Ook dit keer antwoord ik naar waarheid. Ik vertel hem dat mijn ouders uit Marokko komen.
Opeens, alsof ik de oude man heel slecht nieuws heb gebracht, verhardt de eerst zo vriendelijke uitdrukking op zijn gezicht.
De meneer lijkt ineens geen zin meer te hebben in een gesprek, mompelt wat en keert mij zijn rug toe. Het is niet de eerste keer dat ik zo‘n kwalijke reactie krijg. Maar al word ik er vrijwel elke dag mee platgegooid, ik zal er nooit aan wennen.
En nu ben ik toevallig iemand die best veel voor elkaar krijgt. Kun je nagaan. Ik krijg medelijden met de man. Zijn gedrag is vast een symptoom van een enge kwaal waar hij elke dag mee te kampen heeft.
Ik kan een paar dingen doen. De goede man wijzen op zijn ongepaste gedrag, de confrontatie aangaan, óf uit volle borst het Marokkaanse volkslied zingen. Dat laatste lijkt me echter niet zo verstandig. Ik ken de tekst namelijk niet.
Ik besluit door te gaan met waar ik het afgelopen half uur mee bezig was: Wachten.
Als ik eindelijk aan de beurt ben, krijg ik de medicijnen tegen mijn maagklachten. Een kwaaltje dat wél te genezen is. Gelukkig.

F.S.

Keltoumpje
29-09-08, 04:05
Leuk geschreven!