PDA

Bekijk Volledige Versie : "Wat zegt de Bijbel over: HOOFDBEDEKKING van de vrouw"!!!



selima.el.adel
08-06-02, 23:19
De Korinthe brieven van Paulus,


"Alle dingen zijn geoorloofd, maar niet alles is nuttig". Dat is bij herhaling het motto van de Korinthe-brief (6:12;10:23). Desondanks is juist deze brief misbruikt om gelovigen lasten op te leggen. Zo heeft men de passage waarin Paulus enkele aanwijzingen geeft m.b.t. de hoofdbedekking van de vrouw, in de setting van het toenmalige Korinthe, tot een tijdloze wet gemaakt. Laten we echter de volgende feiten eens op een rijtje zetten:

Paulus vangt dit gedeelte aan met te schrijven: "geeft noch aan Joden, noch aan Grieken, noch aan de gemeenten Gods aanstoot; zoals ook ik allen in alles ter wille ben...". (10:32). Paulus' adviezen zijn gebaseerd op het eerbiedigen van de gebruiken van verschillende culturen.
Een vrouw die zich het hoofd niet dekt stond gelijk aan een kaalgeschorene (11:5). Uit deze associatie volgt dat kaalgeschoren vrouwen kennelijk geen hoofdbedekking droegen. Paulus' betoog gaat uit van het gegeven dat een kaalgeknipte of kaalgeschoren vrouw een schande is ("indien het een schande is voor een vrouw, als zij het haar laat afknippen..."; 11:6). Vermoedelijk bedoelt Paulus met 'kaalgeschorenen', prostituees.
Paulus legt niets óp, in deze passage, hij appelleert slechts aan het gezonde verstand: "oordeelt zelf, is het voegzaam...?" (11:13)
Het onderwerp dat 1Korinthe 11 aansnijdt is een kwestie van "gewoonte" (11:16) en voor Paulus niet de moeite waard om over te strijden.
In Korinthe ontdeden biddende en profeterende vrouwen zich (in extase?) van hun hoofdbedekking, waardoor ze zich in de praktijk associeerden met 'kaalgeschorenen'. Publieke vrouwen demonstreerden hun onafhankelijkheid door het haar af te knippen en zonder hoofdbedekking in het openbaar te verschijnen. Het bedekken van het hoofd was daarentegen een uitdrukking van onderdanigheid. Een regel die dus zéker in acht genomen moest worden wanneer ze bezig was met manlijke activiteiten, zoals 'en public' bidden en profeteren. Juist dan was het gepast wanneer ze de autoriteit erkende van hen die normáál gesproken de boodschap doorgaven: mannen. Of, zoals 1Korinthe 11 het formuleert: "daarom moet de vrouw een autoriteit op het hoofd hebben vanwege de boodschappers (niet: engelen)".

Leert 1Korinthe 11 dat de vrouw iets op het hoofd moet doen in 'de kerk'?
Nee. Vrouwen gingen in het openbaar altijd al gedekt. 1Korinthe legt uit dat de vrouw tijdens openbare, geestelijke activiteiten ("bidden of profeteren") haar hoofdbedekking niet af moest doen.
Bovendien, in 1Korinthe 11 gaat het niet over bijeenkomsten van de gemeente. In "alle gemeenten der heiligen" gold het gebruik dat de vrouw zweeg (14:34). In die bijeenkomsten kon ze dus niet "bidden of profeteren".
De clou van 1Korinthe 11 is niet dat de vrouw het hoofd moet bedekken op een plaats waar ze zwijgt. Dit hoofdstuk zegt juist dat de vrouw haar hoofdbedekking niet af moet doen wanneer ze spreekt.